Het sprookje van de Magische Porseleinkast
Er was eens, nog niet zo heel lang geleden, in het Rijk der Meerminnen en Meermannen, een bijzondere porseleinkast. De oude, houten kast zag er op het oog niet opmerkelijk uit, met zijn afgebladderde lak en kromgetrokken planken. Maar zijn inhoud trok des te meer de aandacht.
Naast een forse verzameling glazen en flesjes bier stond er ook een zeldzame collectie porseleinen olifantjes in de kast. Elk olifantje had zijn eigen vorm, glans en karakter. Sommigen met een lange slurf, anderen met opvallend veel koper aan hun mond. Er waren zelfs olifantjes vergezeld van trommelstokken, omringd door potten en pannen.
Elf maanden per jaar stond de porseleinkast roerloos stil. Maar midden in de winter, slechts twee weekenden per jaar, begon de kast te kraken en te steunen. De planken bogen wat door en het porselein begon te glanzen. Vlak na de heldere roep van de Vorst kwamen de olifantjes tot leven. Ze bliezen en toeterden alsof ze nooit anders hadden gedaan. Hun ogen twinkelden en de muziek was magisch, meeslepend en onmisbaar.
Ze stonden schouder aan schouder, slurf aan slurf, staarten op tenen… Soms zaten ze zelfs half op elkaar. “Het is wel wat krap hier,” mopperde één olifantje. Maar zodra de eerste noot klonk, was dat snel vergeten. De kast kreunde soms zachtjes onder het gewicht, want de olifantjes waren met velen. Hij boog mee, maar hield stand. Al talloze winters lang.
Het glaswerk in de porseleinkast wiegde gevaarlijk mee op de trillingen van de muziek. Soms viel er een glas om, tot grote schrik van de olifantjes, die stokstijf bleven zitten en hun porseleinen oren beschermend tegen hun slurf drukten.
Op een noodlottige avond ging het bijna mis. Terwijl de olifantjes uit volle borst toeterden, klonk er een onheilspellend KRAK! De kast zuchtte diep, alsof hij al jaren zijn adem had ingehouden. Een plank schoof scheef, een glas viel om en één olifantje wankelde en verloor bijna zijn slurf…
Gelukkig liep het goed af. De kast bleef overeind, de olifantjes speelden door. Dapper en toegewijd, als altijd. Maar al jaren leeft er een wens in hun porseleinen hartjes. Een wens voor een plek waar ze vrijer kunnen ademen, bewegen en musiceren. Een plek waar de magische klanken niet meer worden bedreigd door krapte en brekende glazen. Misschien, zo hopen ze, is het tijd voor een grotere kast. Eentje waarin ze écht kunnen schitteren.
En zo wacht de Magische Porseleinkast op weer een nieuwe ronde in De Meerpoel. Maar wie weet… Misschien, als de kast de volgende winter opnieuw tot leven komt, is deze groter, steviger en mooier dan ooit tevoren!